Soms is een luisterend oor voldoende

Soms is luisteren alles wat nodig is

Als oud ondernemer loop ik, met name in deze tijd, nog wel eens bij oud-collega’s binnen. Zeker als er verder niemand is. Gewoon even een praatje maken, op afstand natuurlijk, maar met de vraag: “Hoe gaat ie?”.
Zo ook bij deze ondernemer waar de frustratie uit zijn ogen straalde.

“… Ik kan helemaal niets meer, alles gaat naar de kloten. (Zijn woorden) Ik weet niet meer wat ik moet doen”. Hij was duidelijk in paniek en stond erbij alsof hij op weg was naar de guillotine.
6 jaar geleden gestart met zijn bedrijf en keihard moeten knokken, maar nu stond er dan ook wat. Echter door de huidige situatie, met als klapstuk de lockdown, voelde hij de grond onder zijn bestaan wegglijden.

“Omzet € 0,00. Wel een kleine tegemoetkoming misschien, maar eerst zien dan geloven”.
Ik wist wat hij voelde. Ik had zoiets gelijks meegemaakt in 2012/2013. Andere omstandigheden, maar toch!

Ik: “werken je benen en je armen nog”?
“Uh! Ja, hoezo”?
“Kom, we gaan een stuk lopen en dan laat jij je gedachten de vrije loop gaan”.

Na 15 minuten liepen we door een prachtig gebied. Het was stil naast mij en zijn blik was op de grond gericht.
“Wordt het geen tijd om naar voren te kijken?”
“Naar voren kijken? Man, alles glijdt tussen mijn vingers weg, ik kan niets meer!”.
“Nah, … niks meer is wel een beetje overdreven, hè.” “Stap eens van dat gebaande pad af en laat je gedachten de vrije loop gaan”. “Fantaseer een eind weg”. “Brainstorm eens met je zelf”. “Gooi het eruit!” “Wedden dat je erachter komt wat je nog wel kunt”.
Hij keek mij aan, nam even de tijd en stortte zich toen mentaal volledig leeg. Een stortvloed aan frustraties van de afgelopen weken kwam tevoorschijn. Tussendoor stelde ik een paar vragen. Na een uurtje werd het stil en zag ik dat zijn blik niet meer naar de grond was gericht, maar naar voren.

“En? … hoe voelt dit?” vroeg ik.
Hij: “Ja, dat voelde eigenlijk wel lekker”. “En weet je, terwijl ik zat te praten en alles eruit gooide vlogen allerlei gedachten door m’n hoofd”. “Lichtpuntjes en mogelijkheden, zogezegd.”
“Mooi, dus je kunt weer verder?”
“Nou, ... ik moet alles nog even op een rijtje zetten, maar dat lukt denk ik wel”. “Kunnen we trouwens binnenkort nog een keer een rondje doen”. “Het is hier wel ontzettend mooi”.
“Alleen als jij dan koffie meeneemt en wat lekkers”

Een dikke grijns, er gloorde weer licht, er werd weer om zich heen gekeken.